Bij ouderbetrokkenheid denk je misschien vooral aan ouderavonden en het meegeven van huiswerk. Maar er zijn nog tal van manieren hoe je ouders van jonge kinderen actief betrekt bij het leerproces. In een interview met Ilse van der Fits, trainer bij Rezulto, NT2-specialist en leerkracht van groep 3, ontdekken we het belang van ouderbetrokkenheid en hoe je dit als leerkracht versterkt.

Ilse trainer Rezulto

 

Bewust samenwerken met ouders

Ilse gelooft in de kracht van samenwerking met ouders. “Wat je op school doet, moet je eigenlijk op een bepaalde manier thuis doorzetten”, zegt ze. “Niet omdat ouders leerkrachten moeten worden, maar omdat kleine activiteiten thuis het leerproces versterken.” Denk aan samen een boekje lezen, spelletjes doen en praten over thema’s uit de klas – in het Nederlands of in de moedertaal.

Volgens Ilse begint het bij vertrouwen en verbinding. Ouders moeten zich veilig voelen. Zeker in wijken met veel laagopgeleide ouders of gezinnen met een migratieachtergrond is dat essentieel. “Bij ons op school weten ouders dat ze alles mogen vragen.” Iedere ouder wordt gerespecteerd en er is ruimte om de ouders te begeleiden. 

 

Praktische tips: zo versterk je ouderbetrokkenheid

Ilse noemt een aantal concrete manieren waarop leerkrachten ouderbetrokkenheid kunnen stimuleren in de dagelijkse praktijk. 

  1. Vraag ouders om een foto te maken van een activiteit met hun kind en bespreek dit in de klas. Bijvoorbeeld tijdens een wandeling in het park of wanneer ze samen een bloem planten in de tuin. In de klas bespreek je samen met de kinderen wat er op de foto te zien is, welke woorden erbij horen, en wat ze geleerd hebben.

  2. Laat ouders themaboekjes meenemen die aansluiten bij de lesinhoud. Denk aan een boekje over de lente, dieren op de boerderij of een bepaald beroep. Deze boekjes kunnen thuis worden gelezen en zorgen ervoor dat het kind woorden herkent die ook op school behandeld worden. Dit versterkt de leerervaring.

  3. Gebruik platforms zoals Social Schools of Parro voor communicatie en herhaling. Via deze veilige communicatiekanalen kunnen leerkrachten wekelijks woordkaarten, foto’s van activiteiten of korte instructievideo’s delen met ouders. Zo blijven ouders betrokken en weten ze wat hun kind leert, wat het makkelijker maakt om thuis mee te doen.

  4. Organiseer “Kijkje in de klas” -momenten of themabijeenkomsten. Ouders krijgen hierbij de gelegenheid om tijdens een lesmoment mee te kijken. Bijvoorbeeld tijdens een woordenschatactiviteit of een creatieve activiteit. Door te zien hoe leerkrachten met taal werken, krijgen ouders ideeën en vertrouwen om thuis op hun eigen manier verder te oefenen.

  5. Richt een spelotheek in met materialen voor thuisgebruik. Ouders kunnen hier eenvoudig educatief materiaal lenen, zoals prentenboeken, taalspelletjes of beeldkaarten. Dit verlaagt de drempel om thuis met taal aan de slag te gaan, vooral voor gezinnen waar weinig materialen beschikbaar zijn. “Doe het spel voor aan de ouders in de spelotheek door samen te spelen, zo kunnen de ouders het thuis nadoen.”

Ook het gebruik van routines speelt een belangrijke rol. Wanneer leerkrachten elke week op een vaste dag iets delen met ouders – bijvoorbeeld een woordkaart, een video of een korte update – ontstaat er herkenning en vertrouwen. Dat vergroot de kans dat ouders daadwerkelijk iets doen met wat ze ontvangen. Een eenvoudige structuur, zoals het delen van drie woordclusters per week, kan al een groot verschil maken.

 

Doen ouders het ook echt? 

Ilse snapt dat de grootste uitdaging is dat ouders het ook echt gaan doen. Daarom is heldere uitleg en herhaling belangrijk. Ook het zicht op effect helpt: op sommige scholen kunnen leerkrachten zien of kinderen thuis geoefend hebben via digitale platforms, bijvoorbeeld LOGO-digitaal. Als duidelijk wordt dat kinderen niet thuis oefenen, kun je in een gesprek met de ouder vragen: ‘Wat heb je nodig om dit wél te doen?’ Die open houding zorgt voor verbinding en vertrouwen.

 

Kom meer te weten over de thuissituatie

Het is belangrijk dat scholen oog hebben voor culturele verschillen, taalbarrières en praktische beperkingen. In sommige gezinnen is het al veel waard als ouders een momentje per dag hebben om bewust met hun kind te praten. Voor deze gezinnen is het essentieel dat leerkrachten niet veroordelen, maar faciliteren en meedenken. Vertrouwen is de basis.

Ilse benadrukt dat je aanpak moet aansluiten op de ouders die je voor je hebt. Een woordenlijst meegeven is zinloos als ouders niet weten wat ze ermee moeten doen. “Je moet weten wat de mogelijkheden zijn van jouw groep ouders, anders sla je de plank mis.”

 

Ouders als ambassadeurs 

Een succesvolle aanpak begint klein. Ilse vertelt hoe ze een paar ouders als pilot heeft ingezet om een nieuw woordenschatprogramma uit te proberen. Deze ouders werden enthousiast en stimuleerden andere ouders om ook mee te doen.

Door ouders die al betrokken zijn in te zetten als rolmodel of ambassadeur, ontstaat een sneeuwbaleffect. Ouders luisteren vaak sneller naar elkaar dan naar een professional. Dat onderling vertrouwen is waardevol en kan helpen om ouderbetrokkenheid schoolbreed te versterken.

Ouderbetrokkenheid is geen extra taak, maar een essentieel onderdeel van goed onderwijs. Het begint bij vertrouwen, verbinding en het kennen van de ouders die je voor je hebt. Door klein te beginnen en praktische handvatten te geven, kun je als leerkracht met ouders samenwerken in de leerontwikkeling van kinderen.

Lees verder

Intercultureel onderwijs: de klas als mini-maatschappij

In een klaslokaal vol verschillende culturele achtergronden ontstaat een unieke dynamiek: een mini-maatschappij waar kinderen niet alleen leren lezen en schrijven, maar ook leren over elkaars gebruiken, tradities en verhalen. Trainer Jolanda, met 21 jaar ervaring in het onderwijs en drie

Verder lezen