Een nieuw woord uitleggen is één ding. Maar hoe zorg je ervoor dat kinderen woorden begrijpen, onthouden en uiteindelijk zelf gaan gebruiken? Boeken kunnen daar een mooie rol in spelen. Merel de Vink, oprichter en directeur van Leesvink, (ondersteunt basisscholen bij schoolbibliotheken en leesbevordering) vertelt hoe je boeken daarvoor doelgericht kunt inzetten.

Samen met haar collega Annemieke Tetteroo werkte Merel mee aan de nieuwe boekenlijsten van Rezulto’s LOGO 3000. Hiervoor selecteerden ze boeken die aansluiten bij de woorden en thema’s uit het materiaal. Daarmee sluiten de boekenlijsten aan bij de aandacht die in de kerndoelen Nederlands voor het primair onderwijs wordt besteed aan een rijke taal- en leeromgeving, waarin leerlingen hun woordenschat inzetten en uitbreiden. Maar hoe breng je dat in de praktijk? Hoe kies je een passend boek? En hoe kun je tijdens én na het voorlezen extra aandacht besteden aan die woorden?

Waar let je op bij het kiezen van een boek?

Bij het selecteren welke boeken geschikt zijn, letten Merel en Annemieke onder andere op het thema in de klas en het seizoen. Kies boeken die dat thema ondersteunen en kijk vervolgens of een verhaal genoeg context biedt om een woord uit te leggen.  

Bekijk bijvoorbeeld of er passende synoniemen in het boek voorkomen.“Uiteindelijk wil je dat kinderen een woord uit het verhaal herkennen en begrijpen, en het zelf gaan gebruiken in hun dagelijkse taal,” legt Merel uit.

Boekentip 1:

Het kleurenmonster van Anna Llenas krijgen verschillende gevoelens een kleur. Rood staat voor woede en opwinding en groen voor kalmte en je op je gemak voelen. Zo biedt het verhaal aanknopingspunten voor woorden als het gevoel, vrolijk, bang, kalm en onrustig.

Boekentip 2:

Ook bekende boeken kunnen aan verschillende woorden en thema’s gekoppeld worden. In Rupsje Nooitgenoeg van Eric Carle komen bijvoorbeeld woorden als de schil, rijp en rotten aan bod. Omdat het rupsje iedere dag iets anders eet, kun je het verhaal ook gebruiken om de dagen van de week terug te laten komen.

Zo haal je meer uit het voorleesmoment

Een passend boek kiezen is een mooie eerste stap. Vervolgens kun je als leerkracht tijdens het voorlezen bewust aandacht besteden aan de woorden die je wilt leren.

Volgens Merel is herhaling daarbij belangrijk. Lees hetzelfde boek bijvoorbeeld meerdere keren voor. Zo krijgen kinderen de kans om woorden vaker te horen, te herkennen en de betekenis verder te verdiepen.

Ook interactie speelt een belangrijke rol. Laat zien wat een woord betekent en koppel er waar mogelijk een beweging aan. Met een verteltafel en voorwerpen die bij het boek passen, maak je nieuwe woorden concreet en help je kinderen om de betekenis beter te begrijpen.

Boekentip 3:

Sommige boeken lenen zich daar heel concreet voor. In Waggel, fladder, hups! van Anne-Lieke Faber komen allerlei manieren van bewegen voorbij. Woorden als bewegen, stijf, soepel en hurken kun je samen uitbeelden. Achter in het boek staat bovendien een QR-code met muziek die daarbij gebruikt kan worden.

Het boek is uit, maar het woordleren gaat door

Na het voorlezen kun je verder bouwen op het verhaal. Bespreek bijvoorbeeld in de kring wat kinderen zijn bijgebleven en wat ze nog weten. Wat weten de kinderen nog? Welke woorden herkennen ze?

Merel adviseert daarnaast om de taal zichtbaar te maken in de ruimte. Laat een voorgelezen boek bijvoorbeeld met de voorkant zichtbaar staan en geef de woorden waar je mee werkt een plek in de klas.

“Zorg ervoor dat het overal woorden en taal ademt” zegt ze. Zo komen kinderen de woorden op verschillende momenten opnieuw tegen. Uiteindelijk wil je dat ze de woorden herkennen in verschillende situaties en ze ook zelf gaan toepassen in hun dagelijkse taalgebruik.

Een passend boek biedt zo meer dan een mooi voorleesmoment. Het geeft je als leerkracht allerlei mogelijkheden om doelgericht met woordenschat aan de slag te gaan.

Een boekenlijst voor iedere school

Merel en Annemieke selecteerden ongeveer 300 boeken die aansluiten bij de woorden en thema’s uit LOGO 3000. Deze nieuwe boekenlijst is verdeeld in drie categorieën. Zo kan een school zelf beslissen en hoeft niet direct een collectie van 300 boeken aangeschaft te worden. De eerste categorie bestaat uit de boeken die volgens Merel en Annemieke niet mogen ontbreken. “Dit zijn de must-haves.” De tweede vult deze selectie aan met meer boeken rondom verschillende thema’s. De derde categorie bevat de totale boekenlijst en biedt daarmee de breedste aansluiting op de woorden uit LOGO 3000.

Zo kan iedere school een selectie kiezen die aansluit bij de eigen behoefte en boekencollectie.

Boekenlijst LOGO 3000

Voor groep 1 en 2

Basis

126 boeken

Uitgebreid

226 boeken

Compleet

321 boeken

Lees verder

Leerkracht staat voor een digibord en wijst iets aan van Met woorden in de weer

Met woorden in de weer®

Training voor leerkrachten(teams) in het basisonderwijs

  • Bekende en bewezen aanpak om woordenschatonderwijs te versterken
  • Gericht op het vergroten van kennis en leerkrachtvaardigheden
  • Twee inspirerende trainingsdagen met een implementatietraject van één jaar
Met woorden in de weer logo
Leerkracht wijs een woord aan op de woordmuur

LOGO

Lesmaterialen voor effectief woordenschatonderwijs.

  • Biedt een doorlopende lijn voor woordenschatonderwijs
  • Gebaseerd op de bewezen aanpak Met woorden in de weer®
  • Bevat kleurrijke clusters, praatplaten en woordkalenders.
LOGO logo
Blije kinderen spelen LOGO-digitaal op een ipad in de klas

Wereld vol woorden

Lesmaterialen voor nieuwkomers in het basisonderwijs.

  • Thematische aanpak voor eerstejaars nieuwkomers van 6 tot 12 jaar
  • Bouwt basiswoordenschat en mondelinge taalvaardigheid op
  • Biedt betekenisvol en uitdagend onderwijs met materiaal van LOGO
Wereld vol woorden logo